Doorgaan naar hoofdcontent

Ergens, een rijtjeshuis




(klik om te vergroten)
Er is een zwartwitfoto waarop ik, amper twee, met mijn ouders over een bouwterrein loop. Ik kijk naar iets in het zand, mijn vader wijst: daar kwam ons huis. Een jaar later trokken we in onze woning in de nieuwbouwwijk. Een rijtjeshuis natuurlijk. Kleine tuin en schuurtje voor, tuin achter, schuin dak, dakraam, links en rechts precies hetzelfde. De bakstenen waren van een bepaald soort roodachtig bruin dat je meteen herkende: iets lichter van kleur hoorde bij de volkswijkjes uit de jaren vijftig. Die waren oud, onze wijk was nieuw.
De huizenblokken vormden twee rechthoeken in elkaar, met de gevels naar elkaar toe, zodat je een straat kreeg die in een vierkant liep. Wij keken overigens niet uit op een ander huis, maar op een grasveldje met een zandbak en onze knikkerbaan. In die zandbak speelden we met kattenpoep, niet te geloven nu. Achter ons huis lag een groter grasveld, en daar gingen we na het eten altijd voetballen (als de zomertijd was ingegaan). Er stonden ook dunne boompjes die als doelpalen dienden, maar we konden ook 'boompje' spelen: proberen de bal tegen de boom van de ander(en) te schieten. Ik ben ook wel eens tegen zo'n boom aangelopen tijdens een partijtje: dikke lip, bloed, huilen. Erachter begon een nieuw blok rijtjeshuizen. En aan de overkant van de vijver weer een. Enzovoort, een heel labyrint van kleine gemeenschapjes, met elkaar verbonden door smalle voetpaadjes. Zo woonden we, op veilige afstand van de grote rondweg, van de grotemensenwereld, tussen het groen, op ons woonerf. Als je aan het touw trok dat uit de brievenbus stak, ging de deur open.
's Avonds zat ik op mijn slaapkamer wel eens stiekem uit het raam te kijken. Op een dag zag ik een merel op het dak van de schuur zitten, in het licht van de lantarenpaal.
Dit, en nog veel meer, kwam bij me op toen ik na lang zoeken bovenstaande kaart in handen kreeg van een rijtjeshuis. Heel herkenbaar, bijna identiek aan ons huis uit de jaren zeventig. Maar in Annen, een plaats waar ik nog nooit van had gehoord.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Blote voeten in het buitenbad

Raadseltje: waar is dit de ingang van:


(klik om te vergroten)

Bruine dakranden, bruine raamkozijnen, donkere ramen, beige baksteen, een perkje met vage struiken voor de deur: typisch die anonieme laagbouw uit de jaren zeventig. Vorm zonder functie, en dus multifunctioneel. Ik kan me uit mijn jeugd een kerk herinneren die er zo ongeveer uitzag, een apotheek, meerdere scholen, een bejaardentehuis en een bibliotheek (in witte uitvoering). Geeft het gebouw op de kaart toegang tot een conferentieoord, een begraafplaats, een bedrijventerrein? Als je de letters op de gevel hebt ontraadseld, weet je het: Aldert van der Zwaardbad - een zwembad. Het staat in Hoofddorp en het bestaat nog steeds.

Misschien dat de vlag het al weggaf. Om de een of andere reden staan bij zwembaden altijd vlaggen. Voor het strandgevoel? Bij een begraafplaats zie je ze minder.

Het buitenbad waar ik in de zomers van mijn jeugd naartoe fietste heette Malkenschoten. Het was wel een halfuur rijden, ik herinner me veel link…

De omstanders bij de Holocaust

Wegkijken, verdraaien en ramen dicht
Hebben echt zoveel mensen in de oorlog ‘nichts gewusst’ van de Holocaust? Drie historici spitten in het selectieve geheugen van daders die zich omstanders waanden en omstanders die keuzes moesten maken.


door Henk van Renssen in Vrij Nederland 41, 2013
Ik was tot diep in de avond op kantoor aan het werk. Ik was op vakantie. Ik deed toen even iets anders. Ik zat thuis met een griepje. Ik was naar de bruiloft van mijn zoon. Het gebeurde nét nadat ik was overgeplaatst. Zomaar een paar van de verhaaltjes die ex-nazi’s na de oorlog vertelden als hun werd gevraagd waar ze waren geweest op een bepaald heikel moment in de Tweede Wereldoorlog. Het is dus niet helemaal waar, schrijft de Britse hoogleraar Duitse geschiedenis Mary Fulbrook in haar boeiende studie Een kleine stad bij Auschwitz. Gewone nazi’s en de Holocaust, dat de duizenden lagere ambtenaren en plaatselijke bestuurders die de ruggengraat vormden van het civiele bestuur in het Derde Rijk, later alti…

Het gordijn in ons hoofd

Anne Applebaum is een Amerikaanse journaliste, schrijfster en columniste voor de Washington Post, die bekend werd met een boek over de Russische Goelag (zie allemaal www.anneapplebaum.com). Onlangs publiceerde ze Iron Curtain, over de eerste jaren achter het IJzeren Gordijn. Dit is mijn artikel over dat boek, dat verscheen in de Vrij Nederland van 2 maart (de kaart van de Berlijnse muur is van mezelf). Volgens mij zit het 'Oost-Europa' dat in die jaren ontstond, nog altijd in ons hoofd.

 door Henk van Renssen



Wie meer inzicht wil krijgen in Polen-meldpunten en de toekomst van Europa, kan veel leren van het nieuwe boek van de Amerikaanse historica en journaliste Anne Applebaum: IJzeren gordijn. De inlijving van Oost-Europa 1944-1956. En dat terwijl die onderwerpen er niet in worden genoemd.
IJzeren gordijn is namelijk een vrij strikt historisch boek. Heel boeiend geschreven, dat zeker, maar het beperkt zich vrijwel volledig tot een gedetailleerde reconstructie van de periode 1944 …