Doorgaan naar hoofdcontent

Mijn winkelcentrum

Eind jaren zeventig moest onze nieuwbouwwijk een nieuw winkelcentrum. We hadden er al twee, maar die waren klein en stonden beide in de noordwestelijke hoek van de wijk, best ver weg voor veel bewoners. Het nieuwe moest groot worden en in het midden staan - waar het uiteindelijk ook kwam, min of meer in het midden van de min of meer cirkelvormige rondweg, die min of meer in het midden van de wijk was aangelegd.

Hoe moest het winkelcentrum eruit zien? Die vraag heeft waarschijnlijk veel hoofdbrekens gekost. Voorbeelden te over. Het kon een soort Rotterdamse Lijnbaan worden, zo ongeveer de eerste moderne winkelstraat voor voetgangers in Nederland, aangelegd met dank aan de Duitsers die het sloopwerk van het oude centrum voor hun rekening hadden genomen.


(klik om te vergroten)

Nee, gelukkig kwam het zo ver niet in Apeldoorn, behalve dat daar uiteindelijk ook een wandelgebied zou komen. Zo'n eentonige rij betonnen dozen met glazen pui, toen heel modern natuurlijk (en nu rijksmonument), ik word er niet vrolijk van (nog steeds niet, als ik er toevallig een keer ben). Kijk wat er van gekomen is in Amstelveen:


(klik om te vergroten)

Met een paar fijne toevoegingen aan het Rotterdamse model, zoals een reclamepaal en glazen vitrinekasten in het midden van de straat. Maar nog steeds: een plek waar mensen altijd regenjassen lijken te dragen.

Ook in Vlaardingen is geexperimenteerd met het Rotterdamse model, nu met nog meer woonflats boven de winkels en uitzicht op een soort van snelweg. Het werd er niet beter op:


(klik om te vergroten)

Een echte 'koopgoot'. Mijn wijk in Apeldoorn heeft gelukkig ook niet het voorbeeld gevolgd van Heerhugowaard. Ik denk dat ze daar een Amerikaanse 'mall' wilden imiteren, zeg maar een gigantische parkeerplein met winkels er omheen:


(klik om te vergroten)

Waar zou die toren voor zijn? In ons winkelcentrum kwam geen giga-parkeerplaats (wel een kleine), maar een parkeergarage. Dat was handig, zeiden ze, want dan kon je altijd de auto kwijt zonder dat ie in de weg stond. Het was een hele sensatie. Ik had er nog nooit een gezien. Ik weet nog dat wij in het begin met onze fiets de helling afcrossten, om de slagboom heen manoeuvreerden en vervolgens rondjes gingen rijden in de donkere, holle ruimte vol dikke zuilen. Aan de zijkanten waren betonnen trappen omhoog, dan kwam je onopvallend ergens tussen twee winkels uit. Vlak naast de sigarenboer bijvoorbeeld, waar we altijd voetbalplaatjes kochten. Vervolgens gingen we dan midden in de winkel op de vloerbedekking zitten om de zakjes open te scheuren. Ik kan me niet herinneren dat de eigenaar ons wegjoeg, ik weet alleen nog dat we daar zaten, op dat warme tapijt dat naar warm tapijt rook, en voetbalplaatjes ruilden. Ruud Gullit bij Haarlem, een smalle eerstedivisiesticker, ik heb hem nog ergens in een album.
Het zal duidelijk zijn dat in onze wijk in Apeldoorn ook geen overdekte-multifunctionele-multilevel megaplex verrees, zoals op een dag in Utrecht:


(klik om te vergroten)
Sowieso was het hele idee van 'overdekte' winkelcentra rond 1980 even uit volgens mij. Die twee kleine centra in onze wijk, een paar jaar eerder gebouwd, waren dat nog wel, ze hadden van die plastic overkappingen boven de straatjes. Rare echo gaf dat. Er klonk ook vaak een muziekje. Uiteindelijk werd het plastic vies en kwam er een dof licht rond de winkels te hangen. Het was er ook altijd een beetje muf, door het gebrek aan zuurstof hing er zo'n geur die ik later vaak in de metro zou tegenkomen.


(klik om te vergroten)

Straten zoals deze in Nieuwegein moesten waarschijnlijk herinneren aan de 'passages' uit de negentiende eeuw, zoals die prachtig hoge in Milaan waar je nog altijd kunt winkelen. Maar dat deden ze niet echt.

Maar wat voor winkelcentrum is er dan wel gebouwd in mijn buitenwijk in Apeldoorn? Het is moeilijk, ik heb nog steeds geen kaart gevonden die er op lijkt. Stel je een winkelstraat voor die in een vierkant loopt, met aan beide zijden winkels. Het is een kleinschalige geheel. Alles is van bruinrood baksteen, veel donkerder dan hier in Bladel, maar de sfeer lijkt erop:


(klik om te vergroten)

En de meeste winkels hebben niet van die platte, lage appartementen boven zich, maar bevinden zich onder hoge, smalle huizen met een onregelmatig dakpatroon: plat en schuin, verschillende hoogtes, een soort Italiaans stadje, maar dan de goedkope jaren tachtig versie. Een heel klein beetje zoals in Lelystad. Het bovenste deel lijkt erg op de hoek waar in Apeldoorn de apotheek stond. Denk onderin de straat wat breder.


(klik om te vergroten)

Of beter nog, zoals in die andere nieuwe polderstad, Almere, waar ze een grachtengordelversie van een winkelgebied bedachten. Denk alleen even het water en die toren weg.


(klik om te vergroten)

Op menselijke maat en overzichtelijk, ik voelde me er als kind geloof ik wel prettig. Hoewel er, als ik er goed over nadenk, ook altijd een bepaalde stilte hing, iets kunstmatigs en afstandelijks. Je fietste er heen om iets te kopen, je bleef er niet hangen op een straathoek. En de wind blies vaak best ongenadig door de straten. Misschien toch niet toevallig dat we de warmte van de vloerbedekking in de sigarenwinkel opzochten.

Reacties

Beste Henk,

ik ben zelf Kunstenaar en ga met mijn werk proberen de romatieke droombeelden uit het recent verleden tot leven te brengen.
Ik vind de verzameling van jouw geweldig! Ik denk dat het belangrijk is te beseffen dat dingen die wij nu wellicht willen af stoten, niet zo lang geleden nog als geweldig, nieuw, hip enz. werden beschouwd!
Het zijn toch mooie ensceneringen!
complimenten voor je blog!
de groeten van Tilmann
Sander Sloots zei…
Het winkelcentrum van Vlaardingen is jaren geleden gemoderniseerd, lees: verneukt.
Anoniem zei…
veel geleerd
tintin023 zei…
Ha Henk,
Via de oude foto van het Raadhuisplein in Heerhugowaard kwam ik op je site. Hmmm, een Amerikaanse mall?
Ik herinner me deze plek als de plek waar de maandag en zaterdagmarkt waren, evenementen werden gehouden en de kermis stond. Meer een doordachte plek voor het oude stadhuis dan alleen een parkeerplaats. Toegegeven, het is niet de mooiste architectuur. Maar wel een leuke in mijn herinnering. :)

Leuke site!

Groet,
Pascal

Populaire posts van deze blog

Caffe Hausbrandt

Een koffiepot die lachend zijn eigen koffie drinkt is het logo van caffè Hausbrandt. Dit servetje heb ik meenomen uit cafe Central in Triëst, het café waarover de Italiaan Claudio Magris schrijft in zijn boek Microcosmi en waar een geschilderd portret van de schrijver hangt. Het merk stamt uit Triëst en is opgericht in het jaar 1892. Ik ken het niet, maar ik zag het op mijn reis in de regio achtereenvolgens in Triëst (Italie), Rijeka (Kroatië) en Ljubljana (Slovenië). Alle drie steden behoorden voor 1918 tot het Oostenrijk-Hongaarse rijk. Is dit merk teken van een opleving van het Midden-Europese gevoel en Midden-Europese welvaart, over de nieuwe grenzen heen, of een kapitalistische truc? (Zes weken later zag ik in Moskou een luifel van caffè Hausbrandt; zelfs de voormalige bezetter wordt veroverd!).
Kijk trouwens eens op de Nederlandse stations. De reclameposters voor eten en drinken in de kiosks lijken opvallend veel op het lachende koffiepotje.

Een mannetje met een speen

Een vriend stuurde me laatst deze kaart op. Ik dacht dat het een freecard was, zo'n ansicht die je uit het rekje in de kroeg pakt en meeneemt. Hij ziet er toch modern uit, door de felle kleuren, de hoekige tekeningen en dat mysterieuze cyrillische schrift. Maar kijk onderaan: dit is een poster uit 1923, gemaakt door de dichter Vladimir Majakovski en de fotograaf Alexander Rodchenko. Russisch futuristisch spul dus.
Zijn dat kogels of kegels in de mond van het mannetje?

Monique heeft de tekst vertaald:

Betere spenen
zijn er niet en nooit geweest
Geschikt om tot op hoge leeftijd op te zuigen

Overal te koop


Een reclametekst of een bitter commentaar op de oorlog?
Zijn dat armen of de brakende lopen van een kanon?


Lof der eurocraten

Mijn artikel over het essay Der Europäische Landbote van de Oostenrijkse schrijver Robert Menasse. Dit stuk verscheen in de Vrij Nederland van 9 februari 2013.

Robert Menasse toog naar Brussel en schreef een verrassend, tegendraads essay over de EU: een transparant, helemaal niet duur instituut waarin hardwerkende, verlichte ambtenaren kleinzielige nationale belangen overstijgen.
door Henk van Renssen
Dat Jeroen Dijsselbloem voorzitter is geworden van de Eurogroep, de ‘invloedrijke’ vergadering van de ministers van Financiën van de EU-lidstaten, is ‘goed voor Nederland’, zo klonk de afgelopen weken alom. Maar wat betekent dat eigenlijk in deze context, ‘goed voor Nederland’? Worden er dan Nederlandse belangen behartigd die anders niet behartigd zouden worden? En is goed voor Nederland ook goed voor Europa? Of hoeft dat niet, gaat het er simpelweg om zoveel mogelijk voor jezelf weg te slepen uit de Europese ruif, is Dijsselbloem niet meer dan de nieuwste Nederlandse aanvoerder in de strij…