De noodgebouwenbouwer
Noodgebouwen waren een bekend fenomeen in onze nieuwbouwwijk. Er stond altijd wel ergens een 'noodgebouw' - ik vond dat als kind heel gewoon. Zo zou er een groot winkelcentrum in het midden van de wijk verrijzen, met een parkeergarage, maar dat ging nog even duren. In de tussentijd konden de buurtbewoners terecht in de noodgebouwen op het braakliggende terrein achter mijn lagere school, waar ze ook al een crossfietsbaan hadden aangelegd. Dit was eind jaren zeventig, de Maten in Apeldoorn. In het provisorische winkelcentrumpje kocht ik mijn eerste boeken: Kluitman-pockets van De Vijf uit een rekje achter in de Blokker, bij het raam.
Deze kaart komt uit Amsterdam (links zie je een stuk van het Rijksmuseum), maar zo speelden wij in mijn herinnering op het plein voor de noodgebouwenkleuterschool. Onze noodgebouwen hadden ook dunne gekleurde muren, een donkere bovenrand (in mijn herinnering bruin, niet zwart) en vierkante ramen die openklapten. Die houten dubbele deuren komen me eveneens bekend voor. En die regenpijpen met een bocht bovenin natuurlijk. Volgens mij hadden die tijdelijke bouwsels binnen linoleumvloeren, waar je voeten zo goed op stampten, maar dat weet ik niet zeker (de eerste drie jaar van de middelbare school heb ik, in een andere wijk, ook in noodgebouwen doorgebracht, misschien haal ik herinneringen door elkaar. De noodgebouwen van deze middelbare school - ze vormden een 'dependance' van de grote school aan de andere kant van de stad - heetten trouwens geen voorbode meer van een nog te bouwen echte school: ze waren de echte school. Tot ze op een gedenkwaardige avond in brand vlogen).
Wat ik toen nooit bij stilstond, was dat die noodgebouwen eerst waren gebouwd, door bouwbedrijven. Wat mij betreft hadden ze er altijd gestaan, duurde het tijdelijke gewoon eeuwig. Wat ik me helemaal niet had kunnen voorstellen, was dat die bouwers soms reclame maakten voor hun werk. Met ansichtkaarten bijvoorbeeld. Daar kwam ik laatst pas achter. Dit vond ik achterop bovenstaande kaart:
Dat geeft inderdaad te denken. Ik heb mijn eerste kleuterjaar dus fijn en plezierig doorgebracht in een 'modul-school', in elkaar gezet in wie weet hoe weinig dagen. Zou de Salon en Wagenbouw bv S+W (voorheen vervaardiger van woonwagens?) ook mijn lokaaltje hebben gebouwd?
In mijn tweede kleuterjaar ging ik naar de lagere school waar ik tot en met de zesde klas zou blijven: De Gong. Dit was de protestant-christelijke basisschool. Er waren in ons stukje van de wijk nog een katholieke basisschool, De Wingerd, en een openbare basisschool, De Bongerd. Waar ze die pastorale namen vandaan haalden, ik zou het niet weten. Achteraf gezien vormden deze scholen extreem eenvormige gemeenschapjes. De kinderen waren bijna allemaal blank (ik kan me in zes jaar lagere school twee Surinaamse klasgenoten herinneren), ze hadden geen gescheiden ouders (die kan ik me tenminste niet herinneren), en dat er kinderen van homostellen zouden bestaan was ondenkbaar.
De kinderen van De Bongerd waren klieren en die van De Wingerd waren niet te vertrouwen. De verzuiling was nog in volle gang (en is dat in het onderwijs nog steeds).
Die basisscholen zagen er precies hetzelfde uit, namelijk als noodgebouwtjes:
(klik om te vergroten)
Hoe herken je op deze foto trouwens de nieuwbouwwijk? Aan dat boompje dat door een paal wordt gestut. Net geplant, nog te jong om op eigen wortels te staan. Mijn hele wijk bestond uit zulke sprieten die met een band van een of andere vezel verbonden was met een groen uitgeslagen paal. Bij dit bejaardenhuis in De Meern zie je nog een mooi exemplaar:
Hierop trouwens nog meer parafernalia van de nieuwbouwwijk: de bankjes van doorgezaagde boomstammen, de latjesprullenbak en niet te vergeten de witte bol-lantaarn. Die kwam in verschillende versies; in Noordwijkerhout bijvoorbeeld met drie bollen aan één paal:







0 Comments:
Post a Comment
<< Home